Familiebedrijven denken in generaties. Durven wij dat ook?

Tariq Khan (1986) is Manager Marketing Communicatie en Woordvoerder bij SADC, gebiedsontwikkelaar van onder andere Schiphol Trade Park, De President, PolanenPark en Business Park Amsterdam Osdorp. Daarnaast heeft hij 15+ jaar ervaring als freelance consultant. Hij was eerder werkzaam voor bedrijven in de Healthcare (Mediq), Finance (Octas.Statera) en Public Affairs (WePublic). Tariq heeft een Diploma in Communicatie en Multimedia Design van de Hogeschool van Amsterdam en zet zich in voor diversiteit en inclusie.

Een wethouder denkt vaak vier jaar vooruit. Een familiebedrijf veertig. Dat is geen verwijt. Het is een verschil in perspectief. En juist dat verschil fascineert mij.

Wie een familiebedrijf runt, neemt beslissingen die niet alleen gevolgen hebben voor vandaag, maar ook voor de volgende generatie. Misschien werken de kinderen straks in het bedrijf. Misschien nemen zij het ooit over. Dat verandert de manier waarop je naar investeringen, duurzaamheid en relaties kijkt. Je bouwt niet alleen aan een onderneming. Je bouwt aan een nalatenschap.

In de publieke sector is die horizon vaak korter. Bestuurders werken binnen democratische termijnen. Dat hoort bij ons systeem en houdt bestuurders scherp en aanspreekbaar. Tegelijkertijd vragen grote maatschappelijke opgaven om een langere adem. Gebiedsontwikkeling, energietransitie en economische vernieuwing laten zich nu eenmaal niet vangen in één bestuursperiode.

Juist daar zie ik de kracht van publiek-private samenwerking. Bij SADC werken we samen met publieke aandeelhouders aan ontwikkelingen die tientallen jaren meegaan. Als naamloze vennootschap kunnen wij beleid en keuzes over meerdere bestuursperiodes heen vasthouden. Niet omdat wij losstaan van onze aandeelhouders, maar omdat onze organisatie is ingericht op continuïteit. Dat maakt het mogelijk om koersvast te blijven, terwijl bestuurders en politieke accenten veranderen.

Misschien is dat wel de belangrijkste les die familiebedrijven ons leren. Niet dat iedereen een familiebedrijf moet worden. Wel dat iedere organisatie zich vaker zou moeten afvragen voor wie zij vandaag eigenlijk beslissingen neemt. Alleen voor de aandeelhouders, de begroting of de volgende verkiezingen? Of ook voor de mensen die hier over twintig of veertig jaar wonen, werken en ondernemen?

In 2027 bestaat SADC veertig jaar. Dat is een mooi moment om niet alleen terug te kijken op wat is gerealiseerd, maar vooral vooruit te kijken. Want uiteindelijk is de waarde van een organisatie niet af te lezen aan de duur van een bestuursperiode, maar aan wat zij weet door te geven aan de generaties die volgen.